Banner
De oude schuur PDF Print E-mail
Een paar maanden geleden kwam een onbekende man me een aanbod doen dat me aan het denken zette. Hij wou de oude schuur kopen die ik ooit van mijn vader erfde. Dat bouwval daar aan het eind van de weg. Ik zei hem rechtuit dat hij ze niet allemaal op een rij had. Hij was zo een stadsmens. Dat kon je zien aan zijn kleren, zijn auto, zijn handen en aan zijn taal.

Hij zei dat hij toevallig voorbij reed en die prachtige schuur zag die daar zo tussen de bomen stond. En hij wou weten of die wellicht te koop was. Ik antwoordde dat hij een raar idee had over schoonheid. De zomerzon had genadeloos ingebrand op het hout. Niet één lik verf bleef over en het hout was met de jaren zilvergrijs geworden. Het gebouw had zijn beste tijd gehad en leek meer dan vermoeid door de jaren. En dat noemde de man dan prachtig.

Toch zetten zijn woorden me aan het denken. Ik stapte door het veld en staarde naar die oude schuur.  De vreemde man had me gezegd dat hij het hout van de schuur wou gebruiken in zijn nieuw landhuis dat hij even verderop zou gaan bouwen. Hij zei dat niemand zulke mooie tinten kon schilderen. Enkel de jaren van genadeloze stormen en brandende zon konden zo mooi de houtnerven uitlogen.

Plots kwam het in me op dat ook jij en ik als die schuur zijn.
Doorheen de koude stormen en de brandende zon, worden we ook zilvergrijs en trekken de jaren groeven in onze buitenkant. Terwijl onze binnenkant met de jaren mooier werd … terwijl we tevens hier en daar wat scheef begonnen te trekken.

Gisteren werd de oude schuur gesloopt. Het hout werd weggevoerd om opnieuw te schitteren in het huis van de weldoener.

Tijdschrift VLFP nr 75 - november 2008